Op 7 oktober jl. spraken 15 deelnemers aan het beleidscafé over de recente uitkomsten van PISA. Onder hen niet alleen leden van de seniorenvereniging, maar ook een aantal belangstellende OCW-ers.
Marjan Zandbergen nam het gezelschap mee aan de hand met een presentatie van de bevindingen van dit grootschalige internationale onderzoek naar vaardigheden van 15-jarigen op de leergebieden wiskunde, lezen en natuurwetenschappen. Door de kringopstelling werd het een levendige gedachtewisseling. Dankzij historische kennis van de deelnemers werden de opbrengsten in perspectief geplaatst. Is de neerwaartse trend niet al lang gaande? Wat moet als impact van het coronabeleid worden beschouwd? Doen Nederlandse leerlingen het nu relatief of absoluut minder goed dan andere (westerse) landen? En waarom het maar goed is dat we in het beleid niet top-scorend Singapore volgen?
Fons Dingelstad nam de aanwezigen mee in het duiden van de betekenis van het PISA onderzoek. Zo relativeerde hij de Nederlandse uitkomsten (scholen zijn niet happig op deelname en voor leerlingen staat bij deze toetsen niets op het spel), maar tegelijkertijd signaleert hij dat dit vanaf het eerste PISA onderzoek (2000) al zo was, en dus niet dé verklaring van de schokkend lage leesscore van Nederland kan zijn.
In het gesprek is uitgebreid stil gestaan bij de positie van het VMBO, de maatschappelijke onderwaardering hiervan, ondanks alle beleid gericht op de versterking ervan. De impact van selectie naar schooltype op 12-jarige leeftijd valt niet te onderschatten en het groeiend lerarentekort (met name vakleraren in het voortgezet onderwijs, en in het bijzonder het VMBO) werd naast de PISA shock als tweede shock gekwalificeerd.
Met deze impressie doen we de gedachtenwisselingen tekort. De tijd vloog om. En bij de deelnemers smaakte het naar meer. Een derde beleidscafé komt er zeker!
Marjan, Mark, Leo, Marianne, Martine, Peter
Attentie:
Door op een foto te klikken wordt deze vergroot weergegeven.