Door Martine Soethout en Marianne de Wolf
​Dinsdag 27 januari hebben we afgesproken bij Wendoline Timmerman thuis in Capelle aan den IJssel. In augustus 2025 werd zij het 250ste lid van de Seniorenvereniging OCW.
Hoe is ze eigenlijk bij OCW terechtgekomen?
Ik ben in 1985 begonnen als uitzendkracht op de telefooncentrale. Ik was toen net afgestudeerd (Sinologie in Leiden, dat heet tegenwoordig Chinastudies). Dan werkte ik een paar maanden bij OCW en wisselde dat af met het begeleiden van reizen naar China. Bij terugkomst ging ik langs bij de collega’s op de telefooncentrale die allerlei bestellingen hadden gedaan, zoals bloesjes en sjaals van echte zijde. Zij riepen dan dat het heel druk was op het werk en zo kon ik weer een paar maanden aan de slag. Voor mijn gevoel verdiende ik toen goud geld. Mijn man en ik konden zelfs al een huis kopen. Rond die tijd werd de basisbeurs ingevoerd en werd het nog veel drukker en zijn er op contractbasis meer collega’s bijgekomen.. Met de groep collega’s van de telefooncentrale spreken we nog steeds een keer per jaar af. Een van de nieuwe medewerkers was Mandy de Jongh. Zij deed in 1988 mee met de Olympische Spelen en won een zilveren medaille bij Taekwondo. Van de SG kreeg zij toen een vast contract aangeboden. Onze toenmalige chef, Jan Meyes, dat was een hele goeie, vond dat wij dat dan ook moesten hebben en heeft dat voor elkaar gekregen. Zo kreeg ik een vaste aanstelling.
Wat heeft reorganisatie van 1991 voor je betekend?
Bij die reorganisatie werd beleid en uitvoering gescheiden en de voorloper van DUO, CFI, gevormd. Iedereen kon toen kiezen voor een andere functie. Ik zat bij de telefooncentrale in schaal 4, niet echt passend bij mijn opleiding (noot van de redactie, bij die reorganisatie bleek dat er meerdere vrouwen met een afgeronde universitaire opleiding bij het ministerie werkten op lage functies). Dat was ook een gevolg van de werkloosheid in de jaren 80. Er waren weinig banen en je was al blij als je via een uitzendbureau aan de bak kon.
Ik ben toen als intendant bij de Eenheid Strategisch Beleid terechtgekomen. Dat paste beter.
Er zit me nog wel iets dwars uit die periode. De reorganisatie had geleid tot een volksverhuizing binnen het gebouw en dat was alle hens aan dek bij het Facilitair Bedrijf ook voor de telefooncentrale. Dat moest allemaal begin januari 1992 af. We hebben toen in de kerstvakantie doorgewerkt en iedereen kreeg een flinke bonus, maar die van mij werd gekort omdat ik per 1 januari op papier naar een andere directie over was gegaan. Flauw hè.
Welke belangrijke carrièrestappen heb je verder nog gehad?
In de veertig jaar bij OCW heb ik verder bij ESB, BOA, nog een keer bij FacB en bij RZO gewerkt. In 1995 werd ik teruggevraagd bij het Facilitair Bedrijf als coördinator klantenservice en als plaatsvervanger van het hoofd Relatiebeheer, Martine Soethout. Wij kenden elkaar van de OCW-bedrijfscrèche, we hebben allebei namelijk allebei een kind uit januari 1993. Ik heb het daar erg naar mijn zin gehad met projecten zoals de aansluiting op het internet en de overgang naar digitale telefoons. Totdat eind jaren 90 het project parkeerbeleid voor het personeel werd stopgezet omdat OCW naar Den Haag zou terugverhuizen. Zo werd ik opeens boventallig en heb ik rondgevraagd of iemand wat voor me wist. In die tijd zat ik ook in het bestuur van de OCW-crèche en via de voorzitter, Jan Veringa, kon ik aan de slag bij het nieuwe programma Lerarenbeleid. Ik moest daar vooral burgervragen beantwoorden (er was toen nog geen aparte eenheid Burgervragen). Het ging om een onophoudelijke stroom van klagende leraren. Een kolfje naar mijn hand, want ik durfde een leraar, die zei dat hij geen werk kon vinden in de stad waar hij woonde, best te zeggen dat hij wel een paar jaar kon reizen naar een stad waar wel werk was.
Waar heb je het fijnst gewerkt?
Bij de directie VO heb ik de laatste twintig jaar gewerkt en met ontzettend veel plezier. Ik heb daar allemaal nieuwe dingen kunnen doen. Zo ben ik al snel de planning van de schoolvakanties gaan doen. Ik ben er trots op dat ik de verantwoordelijkheid had voor de meest geraadpleegde pagina van de hele Rijksoverheid, alleen in de COVID-tijd stond het op nummer twee.
Ik heb dan ook stennis gemaakt toen de webpagina’s van OCW allemaal werden herzien en de vakantiespreiding onderaan het lijstje stond. Helemaal toen ik hoorde dat eerst de ‘belangrijke’ (dwz beleids)onderwerpen werden gedaan. Dat hebben ze bij de Rijksvoorlichtingsdienst toen wel meegekregen!
De allerleukste tijd heb ik de laatste paar jaar gehad. Ik ben toen fulltime gaan werken en kreeg veel interessantere dossiers. Dat ligt voor een groot deel ook aan een hele fijne baas, Roel Endert. Hij heeft altijd geloofd in mijn kunnen.
Een onderwerp was Moderne Vreemde Talen, waar nog veel meer dossiers achter wegkwamen, zoals Fries (en streektalen in het algemeen), Chinees en de Nederlandse vertegenwoordiging in de ECML (European Centre for Modern Languages). Ik heb daar ook in het bestuur gezeten en moest regelmatig in Graz vergaderen. Elke keer weer een feestje.
Een ander fantastisch dossier ging over de jaarlijkse internationale olympiades, voor leerlingen in het voortgezet onderwijs, in principe alleen bètavakken. Ik kreeg dat dossier heel gemakkelijk in m’n mik geschoven, omdat de huldiging een keer niet goed was gegaan. Dat wordt door een aparte stichting gedaan, maar ook bij OCW was een coördinatiepunt nodig en ze zochten iemand die zowel inhoudelijk als organisatorisch dit programma aankon. Ik werd op den duur helemaal enthousiast. Dit wordt allemaal vrijwillig gedaan door wis- en natuurkundeleraren, die een paar weekenden per jaar gaan trainen met leerlingen om te zorgen dat ze een team hebben waar ze internationaal mee voor de dag kunnen komen. Een van de vele hoogtepunten was een grote olympiade in Seoel en -afgelopen zomer- de internationale biologieolympiade op de Filipijnen. Ik zat daar op de dag van mijn pensionering!
Natuurlijk heb ik ook minder spannende dingen gedaan, zoals talloze WOB-verzoeken, maar soms denk ik dat ik vooral geluk heb gehad dat er regelmatig periodes waren met vacaturestops en personele krimp. Daardoor werd sneller gekozen voor iemand die al bij OCW werkte.
Hoe was je afscheid bij OCW?
Ik heb een schandalig groot afscheid gehad, met heel veel collega’s waar ik ooit mee heb samengewerkt. Ik heb ook nu nog steeds regelmatig contact met veel oud-collega’s.
Wat zijn je plannen voor de komende jaren?
Ik blijf als vrijwilliger betrokken bij de olympiades. We gaan ons meer richten op meisjes. Zeker voor de bètavakken is daar nog veel onbenut talent. Van heel andere aard is dat ik sinds kort weet dat ik deze zomer oma word. Een hele nieuwe fase in mijn leven, waar ik me enorm op verheug.
Waarom ben je lid van de Seniorenvereniging geworden? Wat verwacht je ervan?
Ik weet dat er een heleboel van mijn oud-collega’s al lid zijn en verheug me erop ze weer te kunnen spreken bij een van de leuke activiteiten.